Bij Zwarte
Haan houdt de wereld op. Een paar boerderijen en een restaurant achter een
knoert van een dijk, dan heb je het gehad. Geen bus, geen kerk, geen kroeg. Wel
een standbeeld - als een soort zoenoffer aan de Slikwerker, die 'hier op 'e
wadden, wereld fan water en slik, land won út see, in weer en wyn, skep foor
skep, monnikenwerk'.
Zwarte Haan is,
zoals de Spanjaarden het zeggen, Finisterra. Net als die plek in Gallicië even
voorbij Santiago de Compostela aan de grote oceaan, waar het graf van de apostel
Jacobus ligt en waar ontelbare pelgrims al sinds 1200 naartoe zijn getrokken:
letterlijk naar het 'einde der aarde'.
Toeval of niet,
Zwarte Haan ligt ook aan zee. Vanaf de kruin van de zeewering heb je er een
prachtig panorama over, vooral als het wad is drooggevallen. Tot 1948 vertrok
hier het veer naar Ameland, nu is er alleen maar een weg die doodloopt op de
Friese Zee (zoals een oude benaming van de Noordzee luidde).
Opvallend
genoeg is ook hier in Noord-Friesland de dichtstbijzijnde plaats genoemd naar
Jacobus, net als in Spanje. En in dit Sint Jacobiparochie - zeg maar Sint Jabik
- staat ook al zo'n grote kerk, weliswaar minder imposant dan die van Santiago
maar met haar neo-klassieke bouwstijl wel even beeldbepalend. Het is een enorme
rechthoekige tempel met een stel zuiltjes aan de voorzijde. Toen het ontwerp van
architect Thomas Romein in 1844 klaar was, zat er in het gebouw een vrijwel
identieke oostelijke uitgang als de nieuwe 'heilige poort' die Santiago had
gekregen.
Het is bijna te
mooi om waar te zijn, laat pastoor Jan van der Wal zich onder het lopen
ontvallen. Híj kwam met het idee om een pelgrimspad te ontwikkelen van St.
Jacob naar St. Jacob, van de Friese Zee naar de oceaan, van het ene Finisterra
naar het andere. En híj wees op de symboliek en de overeenkomsten, die je
onderweg kunt waarnemen. Als je het wilt zien, tenminste. Van der Wal, die in
deze Bildtstreek is opgegroeid, is gegrepen door St. Jacob. Hij heeft de tocht
naar Santiago al meermalen gemaakt en ijvert voor een Friese route van het
Jacobspad dat dwars door Europa naar Gallicië loopt.
De aanloop naar
It Jabikspaad is al een eind gevorderd. Eigenlijk is Franeker de beste plaats om
te starten, van daaruit naar St. Jacobiparochie en Zwarte Haan te lopen en dan
via Leeuwarden en Heerenveen in Steenwijk aansluiting te zoeken op de
Nederlandse tak van het pelgrimspad. Want Franeker is nog meer het 'Friese
Santiago' dan Sint Jabik, omdat het van oudsher een Jacobsstad is. Het dankt z'n
bestaan aan Karel de Grote, die het als persoonlijk kroondomein zou hebben
veroverd op koning Redbad. En Karel had een band met Jacobus. Op 25 juli, de
naamdag van St. Jacob, mocht iedereen in Franeker een Jacobsaflaat afhalen. Ook
de kermis is van oorsprong aan hem gewijd en begon met een heel bijzondere
pelgrimage: de 'PC', grootste kaatswedstrijd van Friesland die jaarlijks
duizenden liefhebbers naar Franeker trekt.
Pastoor Van der
Wal schudt alle Jacobalia zo maar uit zijn mouw, terwijl we de eerste etappe van
het Jabikspaad in omgekeerde richting lopen. Hij draagt om de nek een wulk of
kinkhoorn, een schelp die veel op de waddenkust voorkomt. Volgens de mythologie
gebruikten de zeemeermannen de wulk als trompet. Vissers bliezen er op 'om de
donder te breken', wanneer ze op huis aan voeren. De 'hoorn van St. Jacob' wordt
ie ook wel genoemd, omdat Jacobus immers ook een dondersteen was - een
'donderzoon' zoals Jezus hem en zijn broer Johannes op strenge toon noemt. Een
agressieveling, die in de ruigte van Spanje het geloof predikte en door koning
Herodes werd onthoofd.
Ruig is ook de
dijk bij Zwarte Haan, zeker als de winterkou je vanuit het westen in het gezicht
blaast. Bij het Kiekhûs wijst de blauwgele Jacobsschelp naar binnen, de Boonweg
op en bij de tweede dam het bouwland in. De pastoor heeft houvast aan zijn
Jacobsstaf, die symbool staat voor Christus zelf en de pelgrim houvast biedt,
zijn kameraad is. Met staf en tas wordt de wandelaar overal herkend en kan zo
onderweg door mensen van goede wil gastvrij worden onthaald op onderdak en
voedsel. We glibberen over een boerenerf, bereiken de oude zeedijk en duiken het
Sândpâd in dat ons tussen boomgaarden en de graanvelden door in St.
Jacobiparochie brengt.
Daar mijmert
Van der Wal over de heilige deur in de kerk van Santiago, die straks op
oudejaarsavond door de bisschop wordt opengezet als teken van het heilig jaar.
Afgelopen zomer kreeg St. Jacobiparochie een poort van metaal, een kunstwerk in
de vorm van een driehoek die zich verliest in een weg naar de oneindige verte.
In de stenen ruit waarop het beeld staat, als teken van moeder aarde, is het
Europse logo van de Jacobswegen gegraveerd. Het is een gestileerde Jacobsschelp
waarin vele wegen in een punt samenkomen.
Over de oudste
weg in het Bildt, de Regentenweg, lopen we het dorp uit (langs een pension dat
ook al naar onze apostel is vernoemd) en slaan af bij de Zondervansreed. Het
Jabikspaad gaat nog veel over verharde wegen. "Een pelgrim moet veel
lijden", zegt Van der Wal, "maar God opent altijd weer een poort voor
hem." Niet alle boeren staan te trappelen om de vrienden van Jacobus over
hun land te laten gaan. Maar de oude grasdijk langs de voormalige Middelzee is
een verrassing, net als de uitgerangeerde spoordijk die ons bij de protestantse
Dom van Minnertsga brengt. De Haitsmaleane leidt ons dit dorp weer uit en via
lange rechte wegen (gelukkig met brede bermen) komen we bij Ried en het terpdorp
Boer. We treffen oude kerkjes langs de route, toegewijd aan Walburga en Maria,
pleisterplaatsjes van rust op een voor Friese begrippen drukke Dongjumerweg. Bij
Boer gaan we door de aardappelvelden heen en kruipen vlak voor Schalsum onder de
snelweg door. Dan is het nog vier kilometer naar de Grote Kerk van Franeker.
Het Jabikspaad
is geen route om 'zomaar' te doen, zegt Van der Wal. Het is voorbehouden aan
gedrevenen, aan volhouders en aan hen die innerlijke rust zoeken en die aan het
eind ook zullen vinden. Maar bovenal is de tocht een ontmoeting tussen mensen
uit verschillende landen, met ver- schillende talen, culturen en geloven. De
route van St. Jacob, door de Raad van Europa uitgeroepen tot Culturele Route in
het jaar 2000, staat daarom model voor de Europese eenwording. Zwarte Haan is
dan ook niet alleen het einde van de wereld, zegt Van der Wal: "Het is ook
het begin van de schepping. Misschien wel een keerpunt in je leven."
Het is nog in
een pril stadium, maar wie het Jacobspad naar Santiago de Compostela wil gaan
lopen kan al in Friesland beginnen. Gestimuleerd door pastoor Jan van der Wal
uit Bolsward en gesteund door vrijwilligers uit verschillende organisaties is It
Jabikspaad uitgezet. Het symbool van de Jacobsschelp helpt de pelgrim op weg van
het Friese St. Jacob naar het Spaanse St. Jacob, 2700 km lang. Een beschrijving
van de route door 't Bildt is voor 3,50 verkrijgbaar bij het gemeentehuis,
Postbus 34, 9076 ZN St. Annaparochie. Daar staan ook adressen in voor
overnachting. In 2000 hoopt men de route tot Steenwijk gereed te hebben. Zwarte
Haan is niet bereikbaar per openbaar vervoer, Franeker en St. Jacobiparochie
wel.